4 min lezen

Het crediteurenakkoord: niet zo bijzonder als het lijkt?

NL

Medio 2012 heeft Griekenland een akkoord het merendeel van zijn schuldeisers gesloten. Een dergelijk crediteurenakkoord is voor een land uitzonderlijk. Maar op kleinschaliger niveau komen crediteurenakkoorden veel vaker voor. Desondanks is niet altijd duidelijk wat de mogelijkheden zijn. Advocaat insolventierecht Hidde Reitsma, gespecialiseerd in het crediteurenakkoord, legt uit. 

Buitengerechtelijk crediteurenakkoord

Het komt steeds vaker voor dat bedrijven in financiële nood hun schuldeisers een crediteurenakkoord aanbieden. Zij bieden dan aan om een bepaalt percentage van de schuld te voldoen tegen finale kwijting. Strikt genomen kan een schuldeiser niet zomaar worden gedwongen akkoord te gaan. Alleen in faillissement, bij surséance van betaling of in de WSNP (de schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen) kan een akkoord door de rechter worden vastgesteld en jegens alle schuldeisers verbindend worden verklaard. Dat heet dan een dwangakkoord.

Aantrekkelijkheid crediteurenakkoord voor schuldeiser

Dat een schuldeiser in principe niet verplicht is om mee te doen, betekent echter nog niet dat hij dit ook nooit moet doen. Het hangt er simpelweg vanaf of het aanbod goed genoeg is, en, nog belangrijker, of goed kan worden beoordeeld of het aanbod goed genoeg is. Als het maximaal haalbare wordt aangeboden, bespaart de schuldenaar zich de (vaak) niet onaanzienlijke kosten van vereffening Liquidatie van een ontbonden rechtspersoon of op de afwikkeling van een nalatenschap
» Meer over vereffening
vereffening
of faillissement. Daar zijn de schuldeisers uiteraard bij gebaat.

Beoordeling crediteurenakkoord

Voor de beoordeling van een crediteurenakkoord is in de eerste plaats van belang dat er voldoende informatie wordt verstrekt om het aanbod te kunnen beoordelen. Het aanbod moet duidelijk maken hoe de financiële problemen bij de schuldenaar zijn ontstaan, hoe de schulden zijn opgebouwd, en wie de schuldeisers zijn. Verder moet duidelijk zijn wat de financiële positie en de vooruitzichten van de schuldenaar zijn. Ook moet duidelijk worden gemaakt of de schuldenaar het akkoord zelf financiert, of dat een bepaalde partij hiervoor een bedrag ter beschikking Uitspraak in een verzoekschriftprocedure
» Meer over beschikking
beschikking
heeft gesteld. Als de schuldenaar immers zonder het akkoord niet over dit bedrag kan beschikken, maakt dit het aantrekkelijker om het akkoord te aanvaarden.

Inhoud akkoord: alles is mogelijk

De inhoud van het aanbod is bijzonder flexibel. Zo kan de schuldenaar aanbieden dat de schuldeisers aandeel De gedeelten waarin het kapitaal van een BV of NV is verdeeld.
» Meer over aandeel
aandelen
krijgen in zijn onderneming, of deze tegen betere voorwaarden kunnen inkopen. Bij een crediteurenakkoord wordt meestal simpelweg aangeboden dat de gewone schuldeisers (de “concurrente crediteuren”) een zeker percentage van hun vordering betaald zullen krijgen, tegen kwijting voor de restant vordering. Soms wordt uit praktisch oogpunt aangeboden dat kleinere schuldeisers – bijvoorbeeld schuldeisers tot een bedrag van € 1.000,- – hun vordering volledig, of voor een groter deel voldaan krijgen.

Belastingdienst en akkoord: dubbel percentage

De Belastingdienst is vaak bereid mee te werken aan een akkoord als dit de onderneming van de schuldeiser kan redden, of kan leiden tot sanering van de financiële situatie van de schuldenaar. De Belastingdienst stelt in vrijwel alle gevallen tenminste als eis dat zij het dubbele percentage krijgt dan de overige schuldeisers. De richtlijnen hieromtrent zijn vastgelegd in de zogenaamde leidraad invordering. Deze handelwijze is in de praktijk van groot belang, omdat de Belastingdienst als preferente schuldeiser als hoofdregel voor alle andere schuldeisers komt.

Weigeren medewerking soms in strijd met redelijkheid

Omdat een buitengerechtelijke crediteurenakkoord in principe niet door de rechter verbindend verklaard kan worden, is de vraag wat er gebeurt als (een klein deel van) de schuldeisers het akkoord niet accepteren. Die schuldeisers zijn dan immers niet gebonden aan het akkoord, inkomen en een veel betere positie dan de schuldeisers die het akkoord wel hebben geaccepteerd. Integendeel: ze zouden er juist baat bij moeten hebben dat het akkoord tot stand is gekomen, omdat de onderneming op zijn vordering hebben daardoor financieel gezonder is geworden. In de jurisprudentie is het in verband hiermee al vaker voorgekomen dat de rechter het in strijd met de redelijkheid en billijkheid Een bron van ongeschreven objectief recht waaraan mensen zich moeten gedragen jegens elkaar.
» Meer over redelijkheid en billijkheid
redelijkheid en billijkheid
achten in een schuldeiser in dergelijke omstandigheden niet akkoord ging met een aangeboden crediteurenakkoord.

Dwangakkoord in faillissement

Een persoon of bedrijf die failliet is gegaan kan in het kader van dit faillissement eenmalig een akkoord aan zijn schuldeisers aanbieden. De inhoud van een dergelijk voorstel staat de gefailleerde vrij, net als bij het buitengerechtelijke crediteurenakkoord. Op de verificatievergadering wordt over dit akkoord gestemd. Eerst wordt door de rechter vastgesteld of alle vorderingen kunnen worden erkend. Wanneer de helft van schuldeisers, die tezamen ook de helft van de uitstaande schulden vertegenwoordigen, het akkoord aanvaarden, is het akkoord aangenomen. Vervolgens moet de rechtbank het akkoord bekrachtigen; dat wordt homologatie genoemd. Als het akkoord is gehomologeerd, is het jegens alle schuldeisers verbindend. Ook schuldeisers die tegen het akkoord hebben gestemd zijn er dan aan gebonden.

Het faillissementsakkoord en de Belastingdienst

Bij een faillissementsakkoord geldt eveneens de richtlijn dat de belastingdienst een dubbel percentage wil krijgen vergeleken met het percentage dat de overige schuldeisers zullen krijgen. Ook de andere preferente schuldeisers in het faillissement – zoals het UWV – zullen met een gelijke behandeling als de belastingdienst akkoord moeten gaan.

Advocaat bij dwangakkoord

De advocaten van AMS hebben veel ervaring met crediteurenakkoorden, mede vanuit hun jarenlange ervaring als faillisementscurator. Zij staan cliënten bij met het aanbieden van een akkoord, of bij het beoordelen van de vraag of zij een aanbod voor een akkoord moeten aanvaarden.

Hidde Reitsma

Hidde Reitsma

Hidde heeft een gevarieerde proces- en adviespraktijk en bezit een diepgaande kennis van het beslag- en executierecht. Het zwaartepunt van zijn praktijk ligt op het gebied van het ondernemingsrecht (waaronder zaken op het gebied van bestuurdersaansprakelijkheid en  bedrijfsovername), het insolventierecht, het contractenrecht en het vastgoedrecht. Volg Hidde op LinkedIn of Twitter.
Ravel Residence